Conditie en perceptie

Laatst wist wetenschap de piot tot tranen toe te beroeren.

Alles is wiskunde en wetenschap is de basis van alles: deze wijsheden onthoudt een leergierige piot-in-spe op zeer jeugdige leeftijd na het verslinden van “Meten is Weten“, “Jongens en Wetenschap” en stapels andere fijne educatieve klassiekers. Deze overtuiging heeft hem nooit meer verlaten. Wiskunde en wetenschap staan of vallen met controleerbare en onweerlegbare referenties. Dat laatste laat zich heel breed interpreteren. Een voorbeeld.

Het toeval (of iets anders) wil dat de pop-up-fashionstore waar Het Studentje voorlopig haar weekends doorbrengt, gelegen is aan het begin van het WK tijdrit-parcours. Vanuit haar bevoorrechte positie ziet zij den Remco en den Wout voorbij knallen. Op het eerste gezicht lijken beiden een soort wielertoeristen op een nogal rare fiets. De werkelijke rotvaart van de Belgische medaillewinnaars beseft en registreert zij pas retrospectief bij het zien van hun volgers. Bebouwde kom of niet, die motoren en volgwagens gaan waarneembaar supersnel. Wat eerst relatief normaal lijkt (een mens op een fiets), vervelt dank zij een beter gekend ijkpunt, zijnde een rijdende personenauto, tot iets extra-ordinaire.

Perceptie, daar draait het om. Enkel duidelijke referenties kunnen de perceptie van een prestatie kaderen en desnoods rechtzetten. Dat geldt dus ook voor de gelegenheidsatleten van de Via Prosperità.

Hier gekomen in het verhaal past enige verduidelijking, speciaal voor die onverlaten die het voorbij Corona-tijdperk hebben doorgebracht onder een metalen stolp in de Argentijnse pampa.

Mijn Groote Liefde en haar piot zweren bij regelmatig sporten om hun (lichamelijke) conditie op peil te houden. Zij doen dit naar eigen voorkeur en vermogen, zij als een dartele hinde, hij als een astmatische waterbuffel. Zoals het dergelijke enthousiastelingen past, dragen zij elk een state-of-the-art sporthorloge die tijdens hun fysieke exploten middels sensoren alles bijhoudt wat meetbaar is. Met grote regelmaat lezen zij die gegevens uit en consulteren de inspanningsrapporten en andere resultaten op hun smartpheun.

Na een van die zeldzame gezamenlijke bosloopjes zoeken de atleten van de Via Prosperità rust en herstel onder de pergola. Terwijl een zwaar nahijgende piot met gebogen hoofd aanschouwt hoe zijn zweetdruppels uiteenspatten op de terrasklinkers, is een frisse Mijn Groote Liefde al druk in de weer met haar telefoon. Met een diepe kreun neemt ook de piot zijn toestel in de hand.

Zonder veel omhaal geeft Mijn Groote Liefde het startschot van de obligate data-vergelijking. Trots op haar recente ontdekking van een zoveelste, specifieke functionaliteit van de smartwatch, pakt zij uit met haar VO2-max, de wiskundige weergave van haar maximale zuurstofopnamevermogen (aantal milliliter zuurstof per kilogram lichaamsgewicht per minuut). Uiteindelijk is die waarde een wetenschappelijk onderbouwde indicatie van de fysieke conditie van iemand, burger en atleet gelijk.

Mijn VO2-max is 43. Uitstekend staat erbij,” kirt zij, terwijl zij met het schermpje zwaait naar haar stervende gemaal. “Hoeveel is dat bij jou?

Zelfs zonder zijn prestatiestatistieken te bekijken, weet de piot uit ervaring dat dit bij hem een stuk minder zal zijn. “Heu, 38 staat er hier. Maar dat is normaal.

De piot wacht het “Hoezo?” van Mijn Groote Liefde niet af en start een uitleg over het belang van het element lichaamsgewicht in de VO2-max-formule. En hoe een hoger Body Mass Index dat resultaat negatief beïnvloedt. Zoals iedereen weet vecht de piot constant tegen een latent en relatief overgewicht, terwijl Mijn Groote Liefde sinds jaar en dag de weegschaal vierkant uitlacht.

Dat zal wel,” klinkt het niet helemaal overtuigd.

Kijk! Mijn BMI is 29. Dat is bijna obees!” geeft de piot schoorvoetend toe, “Jouw index ligt veel, veel lager.”    

Driftig surft Mijn Groote Liefde doorheen haar gezondheidsstatistieken. “Mijn BMI is 17,6.” klinkt het verbaasd, “En hoe zit het dan met je hartslag?

Een paar schermvegen later kan de piot op die vraag antwoorden: “Gemiddelde hartslag is 124 bpm! 75% in het groen! HS-zone is 3,9! Stel je voor. Dat is nog zo slecht niet.

Naast hem klinkt een diepe zucht. Met een stem vol ongeloof leest Mijn Groote Liefde haar waarden voor: “131 bpm als gemiddelde hartslag. Honderdenendertig!!! HS-zone is 4,1! Dat is uitsluitend rood en oranje. Hoe kan dat nu? Ik ben niet eens moe. Ik ben niet eens diep moeten gaan. En gij zijt heel de weg buiten adem en scoort tegelijk beter op hartslag! Hoe kan dat? Wat scheelt er?

De piot giert het uit van het lachen: “Dat bewijst nogmaals dat jij geen conditie hebt en ik wel!

De korte spurt naar veiliger oorden die hierop volgt, past hoegenaamd niet bij een efficiënte en heilzame cooling-down, beseft de piot. Evenwel spaart het hem van enig ander fysiek ongemak.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.