Laatst vond de piot op een ongewone plaats bevestiging van een inzicht dat hij al langer bevroedde.
In de slipstream van zijn eerdere passages op de Brussels Motorshow als informant voor La Déesse krijgt de piot een andere, erg interessante opportuniteit aangeboden. In de zuinige aankondiging is enkel sprake van een datum en een plaats van gebeuren. Meer heeft de piot niet nodig om bijeen te puzzelen dat hij kan meedraaien in de bedrijvigheid rond dat grootse circus van supersnelle en hoogtechnologische bolides: de Grand Prix Formule 1 van Spa-Francorchamps (dat grappig genoeg op het grondgebied van Stavelot plaatsvindt). Hij stelt zich kandidaat en is uitverkoren.
Evenwel is werken in de nabijheid van het mooiste racecircuit ter wereld niet zo glamoureus als het klinkt: vier dagen lang voor zonsopgang uit de veren springen, vervolgens 12 tot 14 uur te presteren en tot slot genieten van twee uur stilstaan in een gigantische verkeersopstopping (de piot kiest wijselijk voor een tijdelijk verblijf op amper 45 kilometer van het circuit maar kan de terugkeerfiles niet vermijden).
Als shopmanager is de piot verantwoordelijk voor een Aston Martin-boetiek in de zogenaamde fanzone, de grote vlakte tussen de hoofdingang en de eigenlijke racebaan met boetieken allerhande, eetkraampjes voor elk wat wils, activiteiten (Formule 1-simulator, bandenwisselcontest, een fake winnaarsplatform mét magnum champagneflessen, een selfie-corner met digitale geprojecteerde F1-piloten enzovoort) en zelfs een groot concertpodium waar na afloop van de wedstrijden Dimitri Vegas voor de vertrekkende fans het beste van zichzelf geeft. Dat alles zijn evenveel bijzaken, die wegsmelten in het licht van een paar andere kwesties.
Om te beginnen heeft de piot tijdens de oefensessies, de kwalificaties en de races van Formule 3, Formule 2 en Formule 1 vanop zijn werkplek een uitmuntend zicht op de Raidillon de l’Eau Rouge, de wereldberoemde slingerbocht met een hellingsgraad tot 17%. Tijdens zijn breaks brengt amper 100 meter stappen hem (mede dank zij zijn medewerkerspas) tot aan de rand van het circuit ter hoogte van de paddocks, waar de bolides hun topsnelheid zoeken om de Raidillon te bestormen. En toch zijn deze fait-divers allemaal naast de kwestie.
Waar het om gaat zijn de tienduizenden of meer figuren (hij had geen tijd om ze tellen) die de piot vanachter zijn kasregister voorbij ziet stappen, schuifelen of strompelen, paraderen, pralen of pronken: gejaagde diehard-fans met weekendtickets, enthousiaste genodigden met een speciaal circuitpasje geschonken door een gulle sponsor, keurige dames en heren getooid met een gedistingeerde en duur ogende all areas-plaatsbewijs als was het een sieraad.
Reeds na Dag 1 weet de piot het met grote zekerheid: voor zijn ogen defileert een tot extreme proporties uitvergrote doorsnede van de maatschappij, in als zijn schoonheid én vooral lelijkheid. Werkelijk alle denkbare types – inclusief alle mogelijke gradaties tussenin – kruisen zijn gezichtsveld: mooi en gruwelijk, beeldig en afgrijselijk, dik en dun, getaand en gezonnebrand, hongerig en dorstig, nors en feestelijk, nuchter en zat, keurig uitgedost en gehuld in wat enkel kan omschreven worden als de uiting van een afschuwelijk slechte smaak.
Het duurt even voor de piot de onderliggende dynamiek onderscheidt en meteen proeft hij ook het grappig kantje van het spektakel voor zijn spiedende ogen. (Nu moet het gezegd dat zijn bevindingen in sommige oren stout en zelfs denigrerend kunnen klinken, edoch zo zijn ze allesbehalve bedoeld.)
Zeker bij de helft van de passanten past het precaire predikaat “niet mooi“. Bovendien is een niet onbelangrijk deel daarvan enkel te omschrijven met “afstotelijk“. En toch is dat niet zo erg, want er ligt meer dan voldoende tegengewicht in de schaal: een defilé van een heerlijk groot aantal wondermooie wonderen van de natuur die niet verlegen zijn om hun eigen schoonheid (al dan niet chirurgisch onderbouwd), van opmerkelijke knapperds van allerlei kunnen en van esthetisch minder bedeelden die met min of meer gedurfde vestimentaire en cosmetische ingrepen een opzienbarende en zeer te smaken imago bijeen borstelen. En het is de slotsom die telt, denkt de piot, en wie geeft hem ongelijk. Het resultaat is nu eenmaal een mooie massa.
De piot besluit dan ook dat de mensheid als geheel in essentie heel mooi is, of het nu is van nature, gestuwd door bewuste acties of als gevolg van de uitstraling van anderen. Schoonheid an sich komt met een beetje goeie wil altijd bovendrijven.
Ontdek meer van Rik Wintein
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.