Tedere kameraadschap

Laatst was de piot respectvol oneerbiedig.

Het leven is een hobbelige rit van ontstaan naar sterven, van de geboorte tot de dood, waarbij iedereen het ondubbelzinnige einddoel kent. Uiteindelijk is het onderweg zijn naar die oninteressante finish het allerbelangrijkste, daar zijn alle rechtschapen mensen het roerend over eens. In het licht van dit alles is de zogenaamde zin van het leven dàt wat de levende er zelf van maakt, of wil maken. Dit inzicht geldt voor elke mens en nog meer voor een motorrijder. Meer zelfs: bij hem is deze wetenschap enorm gelaagd, omdat ook factoren als het nemen van een bocht, het onderhoud van mens en machine, en het belang van de tocht voorop staan.

Mister G. was een motard die dit heel helder besefte. Dat blijkt meermaals tijdens zijn prachtig geregisseerde uitvaart, waarin zowel leven en dood centraal staan, meer bepaald het genieten van het eerste, hetzij alleen, hetzij met gelijkgestemden enerzijds en anderzijds het respecteren en aanvaarden van het tweede. De spreekster herinnert de aanwezigen eraan hoe Mister G. met volle teugen genoot van het leven in al zijn schoonheid en in al zijn excessen. Vaak doet ze dat in naam van specifieke familieleden. Ze spreekt met eerbied, en gaan heikele thema’s niet uit de weg.

De piot hield wel van deze kerel, ook al had hij af en toe flauwe bedenkingen bij sommige van diens levenskeuzes. Mister G. was nu eenmaal gezegend met een mooi, warm en gul hart. En hij deelde graag zijn ervaringen en wijsheden, al dan niet onder het nuttigen van een of meerdere consumpties, met een niet exclusieve voorkeur voor een Zuiders aperitiefje op basis van steranijs, zoethout en kruidenextracten. Hij degusteerde het drankje met smaak de hele dag door. Menig verhaal mocht een welwillend luisterende piot aanhoren, met steeds stijgende verbazing, en met de zekerheid dat niks gelogen was, hoogstens wat ingekleurd voor extra contrast.

Na de afscheidsplechtigheid gaat de urne onder begeleiding van luid ronkende Harley’s naar de plaatselijke strooiweide voor een laatste afscheid door familie, vrienden en kennissen. De piot is erbij, net als zijn kameraden getooid in de colors van de HOG-chapter die hen samenbracht. De voorganger spreekt nog een laatste pakkend afscheidswoord uit, wat helpt bij het kanaliseren van het verdriet in het licht van het definitieve adieu.

Een medewerker van de begraafplaats neemt de strooi-urne van de pied-de-stalle en stapt ermee naar het midden van het grasveld. Plechtig haalt hij de hendel over en schuifelt achteruit. Langzaam vloeit matgrijze as uit de container. De piot haalt niet voor het eerst vandaag (en niet voor het laatst, zo blijkt later) Mister G. opnieuw voor de geest, zijn joie-de-vivre, zijn humor, zijn histories. En dan is het voorbij.

Bij het terugstappen naar de parking spreekt de piot Rain Man aan: “Eventjes verwachtte ik bij het uitstrooien pastis te ruiken.” Of die uitspraak nu respectvol oneerbiedig dan wel onrespectvol eerbiedig is, maakt niet veel uit. Het is in ieder geval een uiting van tedere kameraadschap.

Foto’s: (c) Ghislain Peers / Flanders Fields Chapter Belgium


Ontdek meer van Rik Wintein

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.