Vervreemding

Laatst proefde de piot een vieze smaak in de mond.

Sinds het zogenaamde Grote Onrecht doet de Via Prosperità het zonder papieren krant. De piot leest zijn nieuws op het internet, meestal met zijn smartphone, aanvankelijk tot grote ergernis van Mijn Groote Liefde (“Zit je nu weeral met je telefoon te spelen?“) totdat ook zij de mogelijkheden van mobile data ontdekt. Nu weet de sukkelaar ook wel dat het WordWideWeb vaker wel dan niet een groezelige riool is, waarin de meest onvoorstelbaar, ziekmakende en gore zaken straffeloos ronddobberen. Toch zijn op een aantal plaatsen nog waarlijk waardevolle gedachten, meningen en inzichten te plukken.

Tot zijn afgrijzen ziet de piot steeds meer interessante, inspirerende en betrouwbare bronnen hun uiteenzettingen verbergen achter betaalmuren – een duivels gebruik waarvoor de foeterende sukkelaar (één uitzondering daar gelaten) niet wil zwichten. Dat maakt dat hij voor een heel groot deel van zijn nieuwsgaring afhankelijk is van mooie mensen, vriendelijke gegevensdelers en andere goeroes. Dat is leuk, maar soms gaat het mis.

Een van de grote voorbeelden van de piot pleegt wekelijks een stand van zaken, waarin hij zijn licht laat schijnen over de maatschappij, zijn tuin en zijn hond. Daarbij aarzelt hij niet om met scherp te schieten op alles wat hem stoort. Zijn gram is meestal terecht, hoewel de sukkelaar de laatste tijd proeft hoe zijn stellingen, uitspraken en meningen niet zelden drijven op populistische argumenten. “De verontwaardiging is terecht. Het schootveld is verkeerd,” evalueert de piot op een vrij beleefde manier diens laatste smaadschrift.

Over de feiten zelf vloeit menig woord uit de pen van andere, kritische columnisten/journalisten. De piot heeft er weinig aan toe te voegen. Want eenieder met gezond verstand ziet zo dat eender welke spreker wél met recht en reden kan, mag en moet getuigen over bepaalde mistoestanden zoals racisme en discriminatie, zelfs al zijn die tot op zekere hoogte enkel een slechte herinnering aan een vreselijk verleden. Diezelfde groep snapt ook dat het demagogisch is om de kostprijs van een buitenlandse missie te koppelen aan een falende mentale gezondheidszorg voor jongeren. De verontwaardiging over een ontbrekend budget voor psychologische begeleiding is terecht. Zonder de ernst van het probleem in twijfel te trekken, is het duidelijk dat de uitgaven voor de gewraakte delegatie niet eens het honorarium betalen voor één uur therapie voor elke hulpbehoevende. Met dergelijk aalmoes geraakt deze mistoestand niet van de baan. Andere oplossingen dringen zich op en deze missie heeft daar niks mee te maken.

Hoewel de piot deze goeroe zeer genegen is, is hij ditmaal evenzeer verbolgen over wat de man schrijft. In dergelijk geval kiest de sukkelaar steeds voor een voor hem nogal pijnlijk proces: hard, diep en lang nadenken over het hoe en waarom, over de achtergrond en de eventueel verborgen mechanismen die hebben geleid tot het gewraakte epistel.

Tijdens een zeldzaam moment van helderheid herinnert de piot zich een gelijkaardig voorval uit de Corona-periode. Met waanzinnige uiteenzettingen die elke wetenschappelijk serieus besmeuren weet een verre kennis zichzelf uit de vriendenlijst van de piot te maneuvreren. De merkbare gelijkenissen tussen de twee heerschappen is een openbaring. Ze voldoen beiden wonderwel aan hetzelfde patroon: beiden journalisten zijn België terecht en om de juiste redenen “ontvlucht“; beiden zoeken en vinden een nieuw onderkomen op een berghelling, ergens in het zuiden waar het klimaat doorgaans aangenamer is; beiden vernauwen al dan niet doelbewust hun navelstreng met hun moederland tot de digitale autopista en een occasionele pendel bij hoge (professionele) nood.

Die relevatie weet de piot te verleiden tot een gewaagd besluit: blijkbaar is wonen en werken, denken en schrijven op een zuiderse berg met zicht op boomgaarden en moestuinen nogal gevaarlijk. Het uiteindelijk resultaat is een aanslag op rede en redelijkheid, wat uitmondt in populistisch palaveren. “Zou afzondering na verloop van tijd tot vervreemding leiden“, vraagt de piot zich af. Dat zou het giftige faux fidélité enigszins kunnen verklaren. Toch beseft hij dat dit argument compleet van de pot gerukt is: één van zijn tutors woont bij wijze van spreken op een tropisch eiland (niet echt maar het scheelt niet veel), en toch heeft hij nog steeds een klare, heldere en eerlijke kijk op de wereld. Anderzijds is het tegengas van montagnards altijd nuttig om een klare kijk te houden, weet de sukkelaar. Dwarsliggers houden de sporen recht.

Hoe verderfelijk dat ook is, de piot vindt een verwrongen en giftige kijk op de realiteit met enkel aandacht voor populaire oneliners en een schijnbare ontbreken van enig structureel inzicht op z’n minst intreurig. Uit de grond van zijn hart hoopt hij dat het met de goeroe nog goed komt. Want met onverholen populisme is het net zoals met nationalisme: de piot verafschuwt het.

Voor deze -ismen voelt hij enkel haat, bij gebrek aan een beter woord, afgezien van afgrijzen, aversie, afkeer, weerzin en nog een handvol termen.


Ontdek meer van Rik Wintein

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.