Laatst verzoop de piot in zelfbeklag. Van anderen.
Sommige dagen tuimelen de gekste dingen op en over elkaar. Die donderdag is het niet anders. Ditmaal valt de vijfde dag middenin de Week van de Geestelijke Gezondheid, een lovenswaardig initiatief om “goed in je vel zitten” en “psychische kwetsbaarheid” bespreekbaar te maken en te houden. Die donderdag ook staat Weerwoord Woord op het programma, de maandelijkse “Spoken Word“-vrijhaven waar de piot graag vertoeft en performt. En de sukkelaar heeft het geweten.
De piot kent en erkent het belang van een goed mentaal welzijn. Zelf vertelt hij te pas en vooral te onpas over een duivels duistere episode in zijn verleden en over hoe een bedreven en gedreven psychologe toen zijn leven gered heeft – figuurlijk, maar daarom niet minder belangrijk. Psychotherapie blaast de mist uit het hoofd. Therapeutische gesprekken helpen structuren, paden en inzichten vorm te geven. Dat alles is alvast de ervaring van de piot en bijgevolg ook zijn overtuiging. De sukkelaar schaamt er zich niet voor en kan iedereen in nood psychotherapie aanraden.
Mede daarom kan volgens de piot geestelijke gezondheidszorg nauwelijks voldoende aandacht krijgen. Tenminste, als het op investeren en organiseren aankomt. Helaas heeft de piot af en toe de indruk dat ook op dit terrein de attentie-slinger te ver doorslaat en de goed gerichte intenties het doel missen. Ook woordkunstenaars zijn daar niet immuun voor. Niet zelden (t.t.z.: veel meer dan de piot lief is) komt dit naar de oppervlakte in de onderwerpen en de teksten die taalartiesten brouwen en vervolgens boordevol durf delen met de buitenwereld.
Die Weerwoord Woord-avond heeft de piot zelf geen podiumkriebels. Zijn mandje bevat geen nieuwe afgewerkte teksten en aan herhalingen doet hij liever niet. Het werkstuk over de seizoenen is nog niet rijp voor een performance en de bespiegeling over “De Geur van Kleur” ademt embryonaal. Ditmaal is hij uitsluitend toeschouwer.
Het duurt even voor dat de piot het door heeft (hij is nu eenmaal traag van begrip): vrijwel alle gebrachte vertelsels zijn nauwelijks meer dan zelfreflecties, verpakt en verwoord in een redelijk literair taal. Helaas is het met woordkunst niet anders dan met fysiek voedsel: elke overdaad aan snoepgoed leidt tot een indigestie, hoe lekker de versnapering ook is. De kunstige kronieken zijn nauwelijks meer dan therapeutische bespiegelingen, hoe eerlijk en kwetsbaar de oppervlakkige ontboezemingen ook mogen zijn. Na een half uurtje breekt zelfs fijnzinnig zeuren zuur op.
De piot heeft alle begrip voor therapeutisch schrijven: die oefening is hem niet vreemd en is bovendien in de juiste context onbetwistbaar nuttig en helend. Toch mag dat geen vrijgeleide zijn om elke heilzame pennentrek naar het podium te brengen. Dergelijke praktijk neigt naar narcistisch zelfbeklag, vindt de piot. En zelfbedrog.
Ontdek meer van Rik Wintein
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.