Geheugenhaperingen

Laatst belaadde een vaststelling de piot met koude rillingen.

De piot schrijft graag en mikt daarbij zowel op kwaliteit als op kwantiteit. Pennen met een zo hoog mogelijk debiet dus. Helaas lukt dat niet altijd. Zo gebeurt het wel eens dat de statistische algoritmes van zijn WordPress-site wijzen op een slabakkend bloggen. Ook nu weer. Zo’n wiskundig onderbouwde waarschuwing zet de sukkelaar aan het denken. Schrijft hij inderdaad minder? Hij heeft de indruk van niet. Zijn toetsenbord ligt altijd binnen handbereik, net als pen en papier. Is de inspiratie voor kromgedraaide korte verhaaltjes opgedroogd? De piot weet dat dit niet zo is. Geïnspireerd door Schrijfjuf Marieke bedenkt hij voortdurend korte verhaaltjes en schetsen rond een vlechtwerk rode draden, een productie die hij ooit hoopt te bundelen en te publiceren. Daarnaast is Mijn Groote Liefde nog steeds haar eigenste zelve, wat steeds weer uitmondt in vaak hilarische situaties die stuk voor stuk inspiratie vormen voor het plegen van een blogje.

Na lang en diep nadenken (nogmaals onze verontschuldigingen voor de elektrische storm dientengevolge deze week – de piot belooft het niet meer te doen) heeft de sukkelaar een verklaring gevonden. En die is dubbel. ‘Helaas‘ is hierbij een treffend adjectief, want de diepere oorzaak van deze schrijfarmoede is eerder ontluisterend. Enerzijds kruipt er veel meer energie in zijn schrijfwerk buiten het bloggen. Het nauwgezet overdenken, het zorgvuldig neerpennen en het herhaald bijvijlen van de teksten onder toezicht van de Schrijfjuf slorpt sloten tijd op. Daardoor blijft er minder over voor de rest. Dat is één reden en die is nog niet eens zo schrikwekkend. Dat is wel het geval voor de tweede luik.

Heel veel van de teksten van de piot zijn een oogst van ingevingen en gebeurtenissen in de loop van de dag, die hij dan netjes opslaat in zijn geheugen om later verder uit te werken. De laatste tijd loopt het daarbij steeds vaker mis. Bijna dagelijks is hij vastbesloten die ene (in zijn ogen geniale) zin of alinea te onthouden om later uit te werken tot een (al even geniaal) bouwstuk dat het lezen waard is. Telkens weer wacht hem een ongelooflijke ontgoocheling. De zorgvuldig ingeprente woorden zijn verdwenen in de mist van zijn geheugen. Tot zijn afgrijzen gebeurt dat ook met boodschappenlijstjes, zelf opgelegde karweitjes en andere nobele intenties.

Het geheugen van de piot brokkelt af, zo lijkt het. Of toch zijn mogelijkheden om nieuwe topics te onthouden. Dat weerhoudt hem er niet van om met de pen als degen driest te duelleren tegen domheid in de maatschappij.

En toch. De wijze lessen van de Schrijfjuf doen hun werk. Dat stelt hij vast bij schier elke toetsaanslag. De sukkelaar schrijft en blijft herschrijven, niet in het minst omdat hij dat zo leuk vindt. Zoals eerder aangehaald broeit en groeit in een discrete map op zijn laptop een boekdeel, dat een beetje weg heeft van een bundeling die eerder uit zijn koortsig brein is ontsproten: Ik pruts, schrijf en zing. Evenwel is de insteek ditmaal helemaal anders.

Het pruts-schrijf-zing-verhaal is een bloemlezing in twee delen met werk van een gediplomeerd prutser. Het eerste deel bevat niet alleen ‘Spoken Work’-gedrochten, maar ook flauwe gedichten en andere krabbels die de piot her en der heeft rondgestrooid. Het tweede deel presenteert een selectie van 25 van zijn minst slechte haiku’s. Voor zijn nieuwe bundel kortverhalen mikt de sukkelaar op meer samenhang. Elke story moet een schets van een levensfase voorstellen met als cement een mengel van respect, schoonheid en waardigheid, gemarineerd in een vleugje maatschappijkritiek.

Na lectuur van het voorlopige resultaat onthult de Schrijfjuf nog een andere rode draad: nostalgie. Die feedback zet de piot aan het denken. Verhalen over het leven doordrongen van nostalgie, geschreven door een prutser met een haperend geheugen. Deze omschrijving rinkelt als een gruwelijke verzameling alarmbellen. Want hoewel de sukkelaar beseft dat hij hoe dan ook op weg is naar de uitgang, is hij helemaal nog niet van plan afscheid te nemen van het leven, zoals hij dat hem herinnert.

Behalve een negatieve wilsverklaring en wat losse richtlijnen voor zijn uitvaart, is de piot nog helemaal niet toe aan een echt testament. Voor zover hij zich kan herinneren.


De zottigheid waarvan sprake: ‘Ik pruts, schrijf en zing‘, ISBN 978-940-386-647-5, €19,94


Ontdek meer van Rik Wintein

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.