Bedrog

Laatst was de piot wederom grenzeloos blij dat zijn dromen bedrog zijn.

Zelden flaneert een nacht voorbij waarin ik niet droom. ’s Anderendaags herinner ik mij fragmenten van beelden, als losgescheurde pagina’s uit een novelle. Meestal is dat een bijzonder aangename ervaring. Daarom ook stoort het mij niet als midden in de nacht de slaap mij ontsnapt en ik wakker schiet. Af en toe gaat het de verkeerde richting uit en komen minder aangename beelden en emoties mijn slaap verstoren, met heel occasioneel een nachtmerrie vol ruzies, onrechtvaardigheden en zelfs bijna tastbare pijn.

Nogal vaak hebben de nachtelijke escapades van mijn hersenen wortels in de gebeurtenissen van de voorbije dag. Dat is normaal, heb ik mij laten vertellen. Slaap is veel meer dan een simpele reboot van het lichaam, het is tevens het defragmenteren en archiveren van herinneringen. Gevoelens en gedachten horen daar ook bij. Maar ik wijk af.

Mijn grootste angstdromen fladderen onveranderd rond één welbepaald incident, met name het vroegtijdig overlijden van Mijn Groote Liefde. Dat is op zijn minst bizar. Statistieken en de bijhorende logica dicteren dat zij mij met veel meer dan een decennium zal overleven, een feit dat onze huisarts bij herhaling niet nalaat te onderstrepen. Misschien is dat alles wel de reden waarom in de fantasie van mijn bedwelmd brein altijd sprake is van een gruwelijk ongeval met dodelijke gevolgen.

Wat precies die grootst mogelijke ramp veroorzaakt blijft een geheim waar Morpheus streng over waakt. En eigenlijk is dat een detail zonder enige betekenis. Enkel van belang is de ontstane situatie: Mijn Groote Liefde is er niet meer en kan mij dus ook niet langer beschermen tegen de grote boze wolven en andere smeerlappen.

Hoezeer de situatie ook pure horror is, mijn cerebellum weet er altijd wel raad mee. Om een of andere reden schieten mijn hersenen bij het verwerken van die gruwelnachtmerries onverwijld in een soort survival-modus. Telkens weer ontrollen zich voor mijn dromend oog meer potentiële draaiboeken dan op twee handen te tellen zijn. Sommige van die verhalen lijken redelijk realistisch, andere zijn walgelijke waanzin. Blijkbaar vindt mijn brein het verstandig om op die manier met de gefingeerde feiten om te gaan: vanuit één vaststelling alle virtueel mogelijke vervolg-scenario’s in kaart brengen. Ergens suggereert de gang van zaken dat mocht de catastrofe dan toch voorvallen, ik niet als een triestige kamerplant zal wegkwijnen om het graf van Mijn Groote Liefde. Of beter: op een bankje naast de strooiweide. En dat zalft.

Ook vorige nacht was weer het prijs. Badend in het spreekwoordelijk angstzweet schiet ik wakker, in de overtuiging dat ik na het even vreselijke als onfortuinlijke fataal ongeval van Mijn Groote Liefde in een poging om te ontsnappen aan wurgende herinneringen aan de mooiste jaren van mijn leven, het echtelijk dak heb ingeruild voor een sobere woning met voldoende ruimte voor een bed, een Road King en een schrijftafel. Met een ruk ga ik recht zitten. Te bruusk en te storend, zo benadrukt de van ergernis doordrongen kreun die ontsnapt aan de schoonheid naast me.

Marco heeft op dat punt gelijk: dromen zijn bedrog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.