Voor donker thuis

Laatst ontsnapte de piot nipt aan een hongerdood.

Het is dinsdagavond. Dat betekent dat Mijn Groote Liefde na de dagtaak de loopschoenen aantrekt en dartelend door bossen en velden de afstand tussen de Factorij en de Via Prosperità overbrugt. De vorige avond hebben kundige Thaise vingers haar spieren tot slappe spaghetti, smeuïge vanillepudding en zijige chocolademousse gekneed. Daarom mikt Mijn Groote Liefde naar eigen zeggen op een korte en vooral rustige ren(*). Na afloop van die relatief bescheiden inspanning en de daaropvolgende verkwikkende douche heeft Mijn Groote Liefde grote nood aan een relaxerende boswandeling met Magnifieke Marcel, en de piot mag mee.

Op weg naar het Foreest Felthem houdt de colonne haalt bij de Vespa-man. Terwijl Magnifieke Marcel dankbaar de traditionele hondensnoepjes aanvaardt, gooit Mijn Groote Liefde zich vol enthousiasme in een breed uitwaaierend gesprek over de Dordogne (reisbestemming van de Vespa-man), automerken (de man heeft zijn Alfa ingeruild voor een Superb), honden (geen commentaar), motorrijden (idem) en snelheidsduivels die de zone 30 negeren (dank je wel X5-schurk). In “Ter Plaatse ‘Ust” wachten Magnifieke Marcel en de piot als voorbeeldige soldaten op de voorzetting van de troepenbeweging, de eerste netjes op zijn poep, de andere berustend leunend tegen de garagemuur. Na een hele poos neemt Mijn Groote Liefde afscheid van haar gesprekspartner en hervat de mars.

Een korte sprintafstand verder botst het gezelschap op een blonde vrouw met een net-niet-zo-blonde hond. De dieren brengen de dames samen. Of Mijn Groote Liefde toevallig afkomstig is uit het polderdorp van haar jeugd, wil de blonde vrouw weten, want zij meent Mijn Groote Liefde te (her-)kennen. Dat klopt en er ontspint zich een geanimeerde en redelijk uitgebreide babbel over gemeenschappelijke kennissen, vergeten schoolvrienden en gedeelde aangetrouwde familie. Terwijl Magnifieke Marcel probeert te verbroederen met de net-niet-zo-blonde hond, denkt de piot aan het stapeltje losse gedachten en kriebel-krabbel-kattenbelletjes die in Perron 93/4 om zijn aandacht schreeuwen. Het ongeduld van de net-niet-zo-blonde hond forceert een einde aan het babbeltje.

Eenmaal onder het bladerendek van het Foreest overloopt Mijn Groote Liefde op vraag van de piot de gebeurtenissen van haar afgelopen werkdag. Een speelse, harige hond met aan de leiband een ouder koppel, maakt abrupt een einde aan het beknopte verslag. De conversatie die zich vervolgens ontspint gaat over honden-toilettage en hoe moeilijk het dezer dagen is om een goede hondenkapster te vinden, die nog ruimte heeft voor nieuwe klanten. Andermaal zwijgt de piot zedig. Zijn gedachten dwalen af naar het avondeten en de bijhorende diepvriesfrieten, die hij gelukkig nog niet van het vriesvak verlost heeft. Er is maar één aardappelproduct minder appetijtelijk dat diepvriesfrieten en dat zijn veel te lang ontdooide aardappelstaafjes die ook na het kundig bakken plat en flets smaken.

Totaal onverwacht breekt Mijn Groote Liefde haar boeiende discours af en stapt verder. “Ik begin honger te krijgen,” vertrouwt zij de piot toe, en die laatste kan zich daar zeker iets bij voorstellen. Hij protesteert dan ook niet wanneer Mijn Groote Liefde de terugweg beveelt en daarbij de kortste route aanduidt.

Bij het verlaten van Foreest Felthem doemt een aantal personen op, met in hun zog meerdere hondjes. Dank zij lang ingeoefende technieken en tactieken weet de piot te verhinderen dat Mijn Groote Liefde hen aanspreekt.

Nabij het einddoel – de Via Prosperità – is het wel weer prijs. Een prille puppy in een voortuintje trekt de aandacht van Magnifieke Marcel. Tot afgrijzen van de piot start Mijn Groote Liefde met het bazinnetje een uitwisseling van wijsheden over hondenhaar. Net op het moment dat de piot de mentale nota maakt om bij een volgende uitstap proviand mee te nemen, maakt Mijn Groote Liefde een einde aan het praatje.

Terug in de Via Prosperità verklaart Mijn Groote Liefde dat ze erg grote honger heeft: “Die wandeling heeft toch langer geduurd dan ik had ingeschat.

Ja,” antwoordt de piot, “Ik ben blij dat we voor donker thuis zijn geraakt.

Subordinatie,” schreeuwt Mijn Groote Liefde en vervolgt met ferme stem: “Als straf ga je afwassen. Met de hand.

De piot haalt de schouders op. Dat karwei staat al langer op zijn programma…


(*) Voor nieuwsgierige deskundigen: 6,5 kilometer aan een gemiddelde van 5,45 minuten/kilometer.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.