Laatst verdwaalde de piot in prille jeugdherinneringen.
Met doordringende blik vraagt de lesgeefster of de piot de prille jeugdherinnering die hij in haar opdracht neerschreef, zich ook daadwerkelijk herinnert. Het ìs een echt gebeurd verhaal, ook al poogt de sukkelaar er een literaire draai aan te geven. Zijn antwoord laat te lang op zich wachten, waarop de tutor haar vraag herhaalt. Aarzelend knikt hij en bevestigt dat de de capriolen met zijn kinderpark daadwerkelijk één van zijn vroegste herinneringen is.
De schrijfjuf is nog niet overtuigd en vraagt de piot of hij zijn herinnering niet puurt uit vertelsels van anderen. De cursist schudt het hoofd: dat is niet zo. Zoveel weet hij wel zeker. Veel anekdotes uit zijn eerste levensjaren draagt de sukkelaar nog steeds met zich mee. Hij herinnert zich hoe hij als peuter zijn beentjes tussen de houten spijlen van zijn kinderpark steekt en zichzelf, met park en al, trappelend naar het lonkende tafelkleed trekt. Hij herinnert zich hoe hij op vraag van zijn vader op handen en voeten naar het radiomeubel kruipt en de juiste toets indrukt. Hij herinnert zich hoe hij op een heel vroege kampeertrip naar de Ardennen met wilde boskatten speelt. Deze en vele andere gebeurtenissen zijn als korte flitsen opgeslagen in zijn hersenen.
Anderzijds vertelt de piot er niet bij dat er meer en meer iets vreemds aan de hand is met dat geheugen van hem. Niet alleen heeft hij sinds jaar en dag moeite om op bepaalde gebeurtenissen een jaartal te prikken of op een accurate tijdslijn te plaatsen. Zowat al zijn eerder prille herinneringen lijken te drijven in een soort waas. Bepaalde bijzonderheden, het kleurige telraampje tussen de spijlen, de barst in de ivoren druktoets, het touw waarmee hij de katjes prikkelt, zijn zo gedetailleerd als maar kan zijn. De herinneringen zelf zijn dat niet. Wat er recenter is gebeurd, kan hij zich vrij scherp herinneren. Hij kan de beelden ophalen waar en wanneer hij dat wenst.
Met zijn vroegste herinneringen kan hij dat niet. Wat zijn brein toont, zijn geen beelden, al dan niet in een filmcarrousel. Wat de sukkelaar wel ervaart, is eerder het binnenkomen van een soort bewustzijn, het bevatten van gedachten, het voelen van de aanwezigheid van personen en voorwerpen, het gewaarworden van lege ruimtes en volumes. Wazige geesten opgenomen in de nevel van de immer voortschrijdende tijd. Bij het ophalen van verre herinneringen voelt de piot hoe alles onderling beweegt en in relatie tot elkaar staat. Hij ziet geen gezichten, geen decors. Hij proeft enkel minimale, zij het betekenisvolle details. De gekleurde bolletjes van het telraampje. De verweven zilverdraad in de gedraaide flosjes van het tafelkleed. Het groen fluorescerend afstemoog van het radiomeubel. Stuk voor stuk zijn het schallende echo’s van een verdwenen verleden, de eerste etappes van een reis langs vele ontmoetingen met elk hun betekenis en belang.
Elke herinnering heeft een verhaal. Elke herinnering heeft zijn betekenis.
Ontdek meer van Rik Wintein
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.