Laatst schreef de piot aan de eerste vulpen.
Enkel zij die sinds een half decennium ergens in een duistere grot in de Andes vegeteren, weten het nog niet: de piot volgt op woensdag een schrijfklas onder de kundige leiding van schijfjuf Marieke. Haar wekelijkse opdrachten zijn boeiend en inspirerend. Ditmaal krijgen de cursisten de taak een ode te schrijven, met het gelijkluidend boek ‘Odes‘ van David Van Reybrouck als inspiratie. Lang hoeft de piot niet na te denken. De sukkelaar ziet het zo voor zich.
ODE AAN MIJN EERSTE VULPEN
Jij was de eerste en je was goedkoop. Een vulpen met inkt uit kleine patroontjes, en altijd een reserve-cartouche in de schacht. Waar ben je? Of zeg ik beter: wat ben je. Ik denk niet dat je nog bestaat. Je deed het niet meer en in ons huis mogen kapotte dingen niet blijven rondslingeren. In het beste geval is het plastic van je houder op een ecologisch verantwoorde manier gerecupereerd.
Jij was de eerste en ook de belangrijkste. Na al die jaren van stilte dwong jij mij opnieuw een handgeschreven tekst op papier te zetten. Je was de toegangsboei van een vaargeul tot aan de einder. Zonder jou was deze tekst nooit geboren en bleef zelfs het digitale papier een woestijn. Jouw inkt is een oase in mijn bestaan, dat door jou steeds minder troosteloos werd. Wist je trouwens dat het woord Sahara afgeleid is van het Arabische woord Sahra, en dat Sahara-woestijn eigenlijk woestijn-woestijn betekent? Ik weet zelfs niet waarom ik je dit vertel.
Telkens ik vandaag een van je neven of nichtjes ter hand neem, moet ik even aan je denken. Minstens een seconde lang. Is dat te lang of te kort? De vulpennen – jazeker, in het meervoud – die vandaag mijn rechterhand tot een schrijfinstrument maken, glijden als sierlijke ballerina’s over het papier. Jij kon dat niet. En toch kraste jij een weg naar mijn hart, zoals ijs-danseressen dat doen, met een onuitwisbare groef.
De pen waarmee ik nu, op dit moment, mijn gedachten op een zinnig rijtje zet, heeft een pompje en voedt zich aan een sierlijk inktpotje. Met wat hij mij gekost heeft, kan ik waarschijnlijk twintig, dertig of vijftig van je broertjes aankopen. En toch vind ik dat jij meer waard bent dan die dure vogel die mij vandaag zoveel vreugde brengt. Ergens heb ik spijt dat ik je niet bewaard heb in dat geheime schuifje van mijn schrijftafel, naast dat heel bijzonder bioscoopticketje. Anderzijds is het best mogelijk dat iemand je recycleerde en dat je atomen nu huizen in de biologisch en pedagogisch verantwoorde viltstift waarmee mijn kleindochter herkenbaar haar eerste woordjes neerkribbelt.
Ontdek meer van Rik Wintein
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.