Het Heilige Schrift

Laatst kwam ik tot de vaststelling dat ik eigenlijk geen eerlijke kroniekschrijver ben.

Net zoals een frauderende middenstander een dubbele boekhouding heeft, notuleert deze chroniqueur in twee aparte grootboeken.

In het ene boekje kriebel ik losse woorden, zinnen en gedachten, die mits de juiste aanpak soms uitgroeien tot een verhaaltje als deze. Het recept van deze methodiek is klassiek en gekend. Naast het activeren van het Godfried Bomans-axioma (schrijven is 1 procent inspiratie en 99 procent transpiratie), vereist het ook een blender, een handvol zwarte olijven en een droge beschuit (op smaak brengen met boter, pili-pili en zout).

Deze registraties druppelen neer in een welbepaald type A5-schriftje, niet zomaar een banaal model. Het specifieke cahier is destijds uitverkoren omwille van het papier dat een zalige glijdende, bijna zwevende compatibiliteit heeft met mijn meesterlijke vulpen.

(Bij het verlaten van het huis draag ik in de binnenzak meestal een klein notaboekje met vulpotlood. Het is namelijk mijn ervaring dat inspiratie toeslaat op de meest onwaarschijnlijke plaatsen en momenten, en dan is zo’n noodpakketje een welgekomen steuntje om te verhinderen dat een zogenaamde gouden ingeving verloren gaat.)

Praten – en a fortiori schrijven – over dat andere schriftje (het geheime dagboek) is delicater. Het is als op een hete zomerdag wandelen over glad en flinterdun ijs. Het is als met dichtgeknepen billen hoog verheven balanceren op een dun draadje en bidden dat het windstil blijft (in alle betekenissen van het woord).

De schriftuur in kwestie catalogeert zorgvuldig alle voorvallen die Mijn Groote Liefde vurig bestempelt met: “En durft het niet aan daarover een verhaaltje te schrijven!!!” (met drie uitroeptekens). Meestal (vrijwel uitsluitend) gaat het over akkefietjes waarin Zij (gewild of ongewild) de hoofdrol speelt.

Het is een klein maar zeer dik boekje. Let wel: dit zegt niks over Mijn Groote Liefde. Het weerspiegelt in de eerste plaats de zeer lange periode dat het archief beslaat (gelieve boven alles dat laatste te onthouden).

Bladeren door deze bijbel is flaneren door een rijke verzameling vertederende anekdotes. Geopende verfpotten die op de grond vallen, ondanks de bezorgde waarschuwing om de trapladder niet te verschuiven. De vruchteloze zoektocht naar “Mosselwijn” bij het eerste culinaire experiment met het weekdier (een queeste die uiteindelijk resulteert in de ontdekking van Riesling). Kaartlezen in het pre-gps-tijdperk waarbij de richtingsaanwijzingen zich beperken tot non-verbale indicaties en zelfs instructies zoals “we moeten naar beneden/boven” (we hebben aldus veel verborgen juweeltjes ontdekt). Modieuze uitspattingen met een wasmachine in de hoofdrol, waardoor ik bijvoorbeeld een jaar lang mocht genieten van roze onderbroeken (het is daarna wel goed gekomen, dank u). Een lange lijst per definitie grappige Babelse begrips- en taalverwarringen, zoals tussen “koerier” en “courrier” (ik pik er slechts eentje uit). Enzovoort…

De censuur gebiedt mij discretie over de schaduwkronieken in dit gesloten boek. En dat vind ik spijtig. Want dit Heilig Schrift is als een pepermolen: de vermalen verhalen kruiden de maaltijd, sterken de smaak en houden het eten pittig.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.