Lijpkikkers

Laatst waanden Mijn Groote Liefde en haar piot zich in een Griekse komedie. Al loerde bij wijlen een gruwelijk drama om de hoek.

Tijdens het terugkeren van een pelgrimage in de bakermat tuimelen gelegenheidspassagier (!) Mijn Grote Liefde en haar autorijdende piot van de ene verbijstering in de andere verstomming. Want al snel moet het filosoferen over de esbattementen van de Dealer plaats en tijd ruimen voor overdonderende observaties en vreemde vaststellingen over andere weggebruikers.

Op de smalle plattelandsweg wil de ouderlijke dorpskern de pelgrims uitwuiven als een opdringerige patser-vehikel zich huilend voorbij Het Zwarte Monster wurmt. “Zot!” is het alleraardigst commentaar van Mijn Groote Liefde. In geen tijd rondt de genoemde halve gare de gindse bocht, evenwel niet zonder eerst hard in de remmen te gaan. Wanneer de piot zonder vaart te minderen de kromming neemt, ziet hij nog net hoe een rijtje tegenliggers een voorbeeldige wagen helpt om de gehaaste kerel in bedwang te houden. Het ontlokte bij Mijn Groote Liefde een smakelijk smalend lachen.

In het volgende dorp brengt een voorrangsweg Het Zwarte Monster tot stilstand. Het beoogde naar rechts opdraaien kan voorlopig niet: van links nadert een stadswagen met de flair van een legercommando-voertuig die smacht naar het regenwoud. Schijnbaar maakt het rijtuig aanstalten ons fluks voorbij te rijden in de richting van onze eindbestemming, totdat hij bruusk inslaat, zonder het gebruikelijk bezigen van zijn richtingswijzer. Dat onkies handelen ontlokt bij Mijn Groote Liefde een beminnelijk commentaar die de piot met rode oren aanhoort.

Bij het binnenrijden van Briuccas moet Het Zwarte Monster even in de remmen wanneer een Dikke Duitse Daimler voor zijn neus over de veiligheidsrichel tussen de rijvakken een gevaarlijke, illegale en ongehoorde Kehrtwende maakt. “Hij moest zijn uitlaat verliezen,” is het snedige oordeel van Mijn Groote Liefde.

Aan de kruising wat verderop is het weer prijs. Een afgebeulde scooter die moeizaam een gezette man in veiligheidskledij torst, waggelt doodleuk in de verkeerde richting over het fietspad. Aan de verkeerslichten negeert de spookrijder het rode signaal en slalomt tussen de wagens die wachten op vrije doorgang naar de overzijde. Nipt weet hij een (voor hem ongetwijfeld) onfortuinlijke ontmoeting met een automobiel uit de andere richting te vermijden. “Kijk eens naar die djenten! Waar is dien pipo mee bezig?“, roept Mijn Groote Liefde verbaast uit.

De bevreemding blijft komen. Op de boulevard nabij de Via Prosperità trekt een oud modelletje met een heel recent bekomen nummerplaat de onverdeelde aandacht van Mijn Groote Liefde. “Oppassen,” gebiedt zij de piot en haar voorgevoel is raak. De verweerde luxe voiture weifelt tussen de beschikbare rijstroken, vertraagt en pinkt naar links maar rijdt vervolgens rechtdoor. “Weet ge wel wat ge wilt,” roept Mijn Groote Liefde de bestuurster toe. (De piot weet dat de dame in kwestie dat niet kan horen maar durft die gedachte niet uiten.) Aan het verkeerslicht lijkt de twijfelaarster rechtdoor te sturen. Dat is slechts schijn: net voorbij het licht zoekt het voertuig haperend de rechter zijstraat op nog voor de pinker opgaat. “Die fietser!” tiert Mijn Groote Liefde ontzet. Op dat eigenste moment komt de treuzelaarster (geschrokken?) tot stilstand – pal op het fietspad. Gelukkig heeft de betrokken tweewieler dit keurig geanticipeerd en glijdt elegant voorbij.

Na dit zoveelste incident houdt Mijn Groote Liefde het niet meer. “Wat is er toch aan de hand met al die mensen“, vraag zij zich luidop af. Daar moet de piot even over nadenken. Vervolgens doen zijn buitenissige hersenkronkels zijn gedachten landen op één van de vele iconische prevelementen van Mary Louise Streep: “Disrespect invites disrespect. Violence incites violence. When the powerful use their position to bully others, we all lose.

Een paar kortsluitingen later heeft de piot een verklaring klaar: “Zowel in onze contreien als over de grote plas ontpoppen verkozenen – niet gehinderd door hun gebrek aan verstandig staatsmanschap, redelijkheid of enig ander politiek talent – zich tot onverbeterlijke narcisten met nul-komma-nul maatschappelijke moraliteit. Schijnbaar sijpelt deze attitude door in alle geledingen van de samenleving. Gesterkt door het populistisch gewauwel van hun verfoeilijke idolen eigenen simpele zielen zichzelf ongegeneerd het recht toe het bestaan en de rechten van hun medemens te negeren. ‘Als zij ermee weg komen, dan ik ook,’ denken ze. Kortom: het is allemaal de schuld van Friedrich Trumpf, Theofylline Goebbels en andere Boertige Dilatatoire Wichelaars. In essentie zijn zij de oorzaak, de bron van het groeiend egoïsme dat de straat teistert.

Mijn Groote Liefde heeft zo haar twijfels over die impromptue theorie en haalt haar schouders op: “Misschien groeit met het wassen van de bevolking ook het aantal idioten en vallen die imbecielen daardoor meer op. Ze zijn gewoon met meer.

Dat kan natuurlijk ook.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.